Naar nieuwsoverzicht

Perspectief Kingley

31-10-2016
Perspectief Kingley

Zaterdagochtend om 09.00 sta ik met mijn weekendtas voor de deur. Wanneer ik aanbel, doet hij een tijdje later open. “Niet te vroeg, zei ik toch” grapt hij me toe. Kingsley Ehizibue, 21 jaar oud, middenvelder bij PEC Zwolle. Vandaag mag ik hem 24 uur volgen, op de wedstrijddag tegen PSV.

M: We hebben nog iets aan onze dag, wat gaan we doen?
K: Ik ga nu eerst even ontbijten, yoghurt met crusli.
M: En daarna? Waar gaan we heen?
K: Waar gaan we heen? Haha, nergens. Ik moet vandaag rustig aan doen.
M: En hoe ziet dat eruit, rustig aan doen?

Kingsley wijst naar de bank, daar gaat hij zijn dag vooral doorbrengen. We eten ons ontbijt en trappen de spelcomputer aan. Ik bereid me voor op een potje FIFA maar tot mijn verbazing gaan we MBA basketbal spelen. Kingsley verteld dat hij ook vaak FIFA speelt, maar ook veel serie’s kijkt. Ik stel me nu inderdaad maar in op een bankdag en speel een potje MBA mee. Na een tijdje gaat de tv uit en gaat Kingsley op de bank liggen.

M: Ga je nu mediteren?
K: Nee joh, ik ga nu even slapen. Als ik zo vroeg wakker ben dan ga ik altijd even slapen. En weg is hij. Ik kijk de kamer rond en zie op de grond een voetbal. Een eindje verderop liggen voetbalschoenen. Stiekem maak ik een paar foto’s van de slapende Kingsley. Daar komt hij waarschijnlijk pas achter wanneer hij dit leest.

Het is 14 uur, Kingsley ontwaakt. We lunchen snel en het ziet er weer ubergezond uit.

M: Is dit alles wat je eet?
K: Vandaag wel, gisteren heb ik heel veel koolhydraten gegeten. Op de dag voor de wedstrijd krijgen we op de club altijd pannenkoeken te eten. Met grote ogen kijk ik hem aan
M: Dat klinkt super goed. Voor je werk pannenkoeken moeten eten.
K: Vergeet niet dat jij alles kan eten wat je wilt, ik moet echt enorm opletten. Zo mag ik niet teveel vet eten. Ik moet veel trainen en goed op gewicht blijven.
K: Trouwens, rond 16.00 ga ik naar de club.
M: We spelen pas om 20.45, dat weet je hè?

Kingsley legt uit dat hij altijd ruim 3 uur voor de wedstrijd aanwezig is. Hij zorgt ervoor dat hij voor die tijd relaxed en gefocust is. Op de vraag of hij zich nog gaat verdiepen in de spelers van PSV antwoord hij dat hij dat de hele week al heeft gedaan. “Zoiets moet je op een wedstrijddag niet meer doen.”

M: Komt er nog visite vandaag?
K: In ieder geval voor de wedstrijd nooit, als we het goed hebben gedaan dan komen er nog wel eens vrienden of familie langs. Ik zit dan zo vol adrenaline dat ik toch niet kan slapen. Als we verliezen dan ben ik zo chagrijnig; dan wil ik eigenlijk gewoon alleen zijn.

M: Zal ik vanavond anders koken? Ik neem aan dat je dat niet kunt. Kingsley roept verontwaardigd “Wat denk je dat ik hier altijd doe dan?”
M: kook je echt zelf?
K: Natuurlijk, sowieso 3 avonden in de week. Maar vandaag eet ik op de club.

Ik vraag waarom de voetbal eigenlijk in huis ligt. Kingsley roept dat hij wel 10 voetballen in huis heeft slingeren en maakt meteen een soepel lobje. Ik probeer de bal af te pakken en geef Kingsley een schouderduw. Hij kijkt me aan en ik roep dat voetbal een contactsport is. Ik probeer een panna te maken maar Kingsley zegt op de meest zelfverzekerde manier, dat mij dat nooit gaat lukken. Ondertussen krijg ik een bal door mijn benen geschoten en uit reflex trap ik op zijn enkel. “Sorry trainer!!” Na een intensief potje huiskamervoetbal veeg ik het zweet van mijn hoofd. Ik zie Kingsley hetzelfde doen en roep dat ik in het artikel zet dat ik 3x een panna heb gemaakt bij hem. “Je moet het verhaal wel geloofwaardig houden haha”. Ik sla hem hard op zijn bovenarm en samen lopen we naar de auto. Hij gaat naar de club en ik ga maar een patatje scoren. We zien elkaar na de wedstrijd weer.

Afgelopen! We hebben helaas verloren en ik zal niet teveel woorden vuil maken aan de wedstrijd. Toch ben ik enorm trots op Kingsley. Hij heeft de hele wedstrijd inzet getoond en ben benieuwd in welke staat ik hem aantref. De spelers lopen de catacombe in en ik vang Kingsley op het veld op. We maken snel een foto en Kingsley moet een interview geven. Ik wacht in het spelershome op hem. Kingsley zegt dat hij even met iemand moet praten en dat we dan naar huis gaan.

M: Gaan we dan niet de stad in? Vraag ik wat teleurgesteld.
K: Nee, ik ben daar sowieso weinig. Maar na zo’n wedstrijd heb ik daar ook geen zin in. En dan erbij, dat kan ik tegenover de supporters ook niet maken toch.
M: Party bij jou thuis dan maar?

Kingsley schud zijn hoofd en kort daarop rijden we naar huis. We mopperen wat over de wedstrijd en thuis kijkt Kingsley de wedstrijd nog een keer terug. Ik heb genoeg voetbal gezien en vertrek naar de logeerkamer. Kingsley zet beneden ondertussen nog een keer de wedstrijd aan. Terwijl ik de trap oploop vraag ik Kingsley voor welke club hij eigenlijk is.

K: Hoe bedoel je, voor welke club ik ben?
M: Nou gewoon, uit de competitie
K: Je bedoelt dezelfde competitie als waarin ik speel?
M: Ja?! En met dat ik het vraag besef ik me pas wat ik gevraagd heb. Ik schaam me diep en trek de deur snel achter me dicht. Ik hoor Kingsley in lachen uitbarsten. Zacht hoor ik hem mompelen “voor welke club ik ben haha”